|
Kim Il-sung (15
april 1912
– 8 juli
1994) was een Noord-Koreaans
partijleider en dictator.
Hij werd als Kim
Song-ju (Hangul:
김일성,
Hanja: 金日成)
geboren in Pyongi
of Mangyongdae.
Hij was van 1948
tot aan zijn dood leider van Noord-Korea.
Tot op heden erkent de Noord-Koreaanse regering hem als de 'eeuwige'
president. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Kim
Jong Il.
Jonge
leven
Hij werd geboren uit christelijke
ouders (in ieder geval was zijn moeder een christen).
Hij leefde sinds het einde van de jaren '20 in Mantsjoerije,
in Noord-China, waar een grote Koreaanse kolonie gevestigd was. Kim werd
lid van een communistische jeugdgroep. Nadat Mantsjoerije een 'onafhankelijke'
staat werd onder de naam Mantsjoekwo
(='Land van Mantsjoerije') onder Japanse 'protectie' (1931)
sloot Kim zich aan bij de communistische guerrilla
beweging. Gedurende de jaren '30 en tot 1945
bestreed hij de Japanners.
Premier
en Partijleider
Na de Japanse capitulatie
keerde Kim naar Korea
terug. Korea was op dat moment verdeeld in twee bezettingszones: een
noordelijke Sovjet-Russische en een zuidelijke Amerikaanse. Het was de
bedoeling dat deze zones na het vertrek van de Russen en Amerikanen
verenigd werden, maar dat liep anders. De Russen introduceerden in het
noorden het communistische systeem en de Amerikanen in het zuiden het
kapitalistische. Kim Il Sung werd door Josef
Stalin aangesteld als voorlopig regeringsleider van de noordelijke
zone, terwijl Syngman
Rhee door de Amerikanen werd aangesteld als voorlopig regeringsleider
van de zuidelijke zone.
In 1948
werden de Republiek Korea (Zuid-Korea)
en de Democratische Volksrepubliek Korea (Noord-Korea)
opgericht. Kim Il Sung werd premier van Noord-Korea
en tevens partijleider van de Koreaanse Arbeiderspartij.
Kim Il Sung was ervan
overtuigd dat Zuid-Korea en Noord-Korea moesten worden verenigd tot één
communistische staat. Op 25 juni
1950 vielen
Noord-Koreaanse troepen Zuid-Korea binnen. Diezelfde dag nog nam de
VN-Veiligheidsraad een resolutie aan waarin zij de Noord-Koreaanse inval
scherp veroordeelden en beloofden Zuid-Korea hulp te bieden. Aanvankelijk
boekten de Noord-Koreaanse troepen enorme successen en werd zelfs de
Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoel
bezet. Nadat VN contingenten echter in Korea waren geland keerde het tij
voor Kim Il Sung en het Noord-Koreaanse leger. Op 27 juli 1953
werd een wapenstilstand gesloten tussen het noorden en het zuiden en een (door
beide zijden) streng bewaakte demarcatiezone ingesteld op de 38ste
breedtegraad.
Hoewel Kim de oorlog
duidelijk verloren had, werd de geschiedenis vervalst waardoor het leek
alsof de Noord-Koreanen de strijd hadden gewonnen.
Na
de oorlog
Na de oorlog werd de
landbouw gecollectiviseerd en de nog bestaande particuliere bedrijven
genationaliseerd. Tot de dood van Stalin
in 1953 volgde
Kim Il Sung duidelijk de Russische lijn van het stalinisme.
Na de dood van Stalin en de crisis tussen de Sovjet-Unie
en China
besloot Kim voor geen van beide landen meer te kiezen en bepleitte hij een
'neutrale' koers: met China én met de USSR werden vriendschapsverdragen
gesloten (1961).
Kim zocht ook toenadering tot Zuid-Korea
om over een eventuele hereniging te praten, maar die moesten dan vooral
gunstig uitpakken voor Noord-Korea.
Deze besprekingen en toenadering liep halverwege de jaren zeventig spaak.
In 1972
werd er een nieuwe grondwet aangenomen. Kim Il Sung werd president en bleef
partijleider. De rol van de Koreaanse Arbeiderspartij werd sterk
geaccentueerd. Kim bleef tot zijn dood in 1994
president.
Persoonsverheerlijking
en voorzichtige toenadering tot het Westen
Al direct na het aantreden
van Kim als premier en partijleider van Noord-Korea
in 1948 werden
er standbeelden voor hem opgericht en gedichten geschreven om Kim te
vereren als dank voor zijn inspanningen voor land en volk. Na de Koreaanse
oorlog werd Kim 'De Grote Leider'. De persoonsverheerlijking nam in de
jaren zeventig echter bizarre vormen aan. Kim Il Sung werd verheerlijkt
alsof hij een goddelijk persoon was. Alle successen waren volgens de
propagandisten het werk van het Koreaanse volk, maar toch vooral van de 'Grote
Leider'. Het door Kim Il Sung ontwikkelde Juche Idee (een filosofie)
benadrukte de samenwerking tussen volk en leider. Tevens benadrukte het de
speciale kenmerken van het Koreaanse volk. (Het is niet zo moeilijk hierin
enkele fascistische kenmerken te ontdekken.)
Communistische leiders,
zoals de Roemeense dictator Ceausescu,
raakten geïnspireerd door de cultus rondom Kim en introduceerden
soortgelijke persoonlijkheidsverheerlijkingen in eigen land.
Na de val van het communisme
in Oost-Europa en in de Sovjet-Unie,
moest Kim zich noodgedwongen richten op de Westerse landen, waaronder de VS.
Hoewel economische hulp van het Westen werd geaccepteerd en de gesprekken
over hereniging met Zuid-Korea weer op gang kwamen, bleef het
stalinistische systeem van Kim overeind.
Kim Il Sung overleed op 8 juli
1994. Zijn
zoon, Kim
Jong Il werd zijn opvolger als partijleider en werd voorzitter van de
Defensieraad. Omdat Kim Il Sung zo'n bijzondere persoon was, werd hij te
ruste gelegd in een groot, speciaal voor hem gebouwd, mausoleum. Nog steeds
brengen enorme mensenmassa's een bezoek aan het mausoleum om hem te eren.
De regering besloot hem de titel van 'Eeuwige President' toe te kennen.
Veelal wordt er nog gezegd dat hij 'de president' is, hoewel die functie is
afgeschaft. De titel 'Eeuwige President' heeft een symbolische reden.
|